Een beter soort geluk

Dat geluk, of het gebrek daaraan, van invloed is op onze gezondheid is al langer bekend. Of alle soorten geluk en blijdschap hier evenveel aan bijdragen, is onderwerp van het artikel ‘A better kind of happiness’ uit The New Yorker van 7 juli 2016.

Effect op onze genen

Aan de Universiteit van California is door o.a. professor Steve Cole onderzoek gedaan naar het effect dat eenzaamheid heeft op onze genen. Eenzaamheid blijkt een defensieve reactie van ons immuunsysteem op te roepen. Deze reactie is een overblijfsel uit de oertijd en was gericht op korte termijn overleving. Op de lange termijn is dezelfde reactie echter schadelijk: de stress die eenzaamheid met zich meebrengt kan leiden tot allerlei ontstekingsziektes.

Dit roept natuurlijk de vraag op of geluk het tegenovergestelde effect heeft op onze genen. Dit is ook onderzocht door Cole, samen met psychologe Barbara Frederickson. De onderliggende vraag in dit onderzoek was wat de effecten van twee verschillende soorten geluk, eudaimonia en hedonisme, zouden zijn. Deze geluksbegrippen stammen uit de tijd van de oude Grieken. Vóór Aristoteles werd vooral gedacht dat geluk ontstond door genot, het direct bevredigen van behoeften. Maar Aristoteles zag meer in eudaimonia: het streven naar geluk door ‘het goede’ te doen. Dat goede omschreef hij als deugden, die ‘de gulden middenweg’ vormen tussen twee uitersten. Zo is vrijgevigheid de deugd tussen gierigheid en verspilling. Geluk zit in het werken aan deze deugden, het is een continu proces.

Het goede doen

Uit het onderzoek van Cole en Frederickson blijkt dat alleen eudaimonia een gunstig effect heeft op onze genen. Hedonisme levert ons weliswaar blijdschap, maar het is juist het proces van het goede doen dat gezondheidswinst oplevert. Svend Brinkmann, eerder besproken op dit blog, beschouwt ‘het goede doen’ als een van de fenomenen die waarde in zichzelf hebben. Je doet het pas in tweede instantie omdat het je iets oplevert; bijvoorbeeld een goed gevoel of een betere gezondheid. Hedonisme moet daarentegen direct genot en plezier opleveren. Dat maakt uiteindelijk minder gelukkig, omdat we nastreven wat we willen maar nog niet hebben.

Persoonlijke projecten

Voor psycholoog Brian Little wordt het goede gevormd onze persoonlijke projecten; dingen die zo belangrijk voor ons zijn dat we moeite doen om ze te realiseren. Juist deze projecten, waarvoor we uit onze comfortzone moeten komen, maken gelukkig. Hedonisme is daarentegen gericht op een zo prettig en lang mogelijk verblijf in onze comfortzone. Ikzelf heb nu bijvoorbeeld zin om toe te geven aan mijn behoefte om languit op de bank tv te kijken. Daar zou ik heel blij van worden, maar echt gelukkig word ik van mijn persoonlijke project schrijven. Het positieve effect van het afronden van een blog post is vele malen groter dan dat van een avondje buizen. Hoewel dat op dit moment even niet zo voelt.

Problemen oplossen

Dit alles brengt mij uiteindelijk weer bij Mark (the subtle art of not giving a f*ck) Manson. In navolging van Aristoteles zegt hij dat geluk een vorm van actie is, een continu proces. Geluk zit in het oplossen van problemen en niet in het omzeilen ervan. Echt geluk ontstaat wanneer je de problemen of uitdagingen ontdekt die je ‘fijn’ vindt om te hebben (Little’s persoonlijke projecten), en die op te lossen. Geluk vereist nou eenmaal worsteling, het groeit op problemen. Zonder bitter geen zoet, zonder uitersten geen gulden middenweg.

Terugkomend op het artikel uit de New Yorker, het goede soort geluk is te vinden in de persoonlijke projecten die iets voor ons betekenen. De projecten die ons ups geven maar ook de onvermijdelijke downs. Geluk is niet te vinden in een probleemloos leven. Wie dat nastreeft zal onvermijdelijk teleurgesteld raken.

Site Footer

Sliding Sidebar

Social Profiles

Contact

E-mail
melanie@melanielemmen.com