Project marathon: nog 60 dagen

Ik ben inmiddels 40 dagen op weg naar de Marathon van Amsterdam. Nog 60 dagen te gaan. Het gaat niet slecht, maar ik heb geen enkel idee of ik straks de marathon ook zal uitlopen. Ik train zoals ik altijd train, maar dan langzamer. Veel langzamer.

Marc loopt duurlopen van 30 kilometer, ik van 14. Voor iemand die graag controle houdt is het lastig erop te vertrouwen dat het na die 14 kilometer ook wel goed komt. Op 14 kilometer ben ik de stad nog niet eens uit. Op 21 kilometer, het verst wat ik ooit gerend heb, ben ik net voorbij Ouderkerk weer op weg naar Amsterdam. Dan heb ik er al ruim 2 uur op zitten. Vervolgens loop ik een heel taai stuk door het altijd gezellige industrieterrein van Overamstel. Eén lichtpuntje: wanneer het écht pijn begint te doen komt de stad weer in zicht. Al met al voelt het behoorlijk onvoorbereid.

Man met de hamer

Gelukkig zijn er veel goede ervaringen met het 14-kilometerschema. Toch slaat de twijfel toe als de trainers op de atletiekvereniging er hun vraagtekens bij zetten. Met lange duurlopen leer je je lichaam de energiezuinige vetvoorraden aan te spreken. Dat lukt niet in 14 kilometer, omdat je dan genoeg hebt aan je suikervoorraad. Ik moet de vetverbranding stimuleren met ademhalingsoefeningen. Die doe ik elke dag trouw, maar of dat mijn energiesysteem efficiënter maakt weet ik pas op 15 oktober.  Ach, laten we eerlijk zijn. Ik ben gewoon bang dat ik ergens rond de 30 kilometer de man met de hamer tegenkom. Als de voorraad koolhydraten op is en het lichaam helemaal over moet op vetverbranding kunnen je benen opeens dienst weigeren. Je tempo gaat omlaag en je moet jezelf naar de finish slépen. Vreselijk.

Voor mezelf

Maar waarom doe ik dit dan (hoor ik regelmatig)? Het is net als met deze blogmarathon: voor mezelf. Dat is lang niet altijd leuk: er zijn genoeg dagen dat ik geen zin heb om te sporten of te schrijven. Zeker de afgelopen weken moest de motivatie vaak uit mijn tenen komen. Maar wat je doet voor jezelf hoeft niet altijd leuk of fijn te zijn. Wat ik leuk vind is ’s avonds Netflix kijken. Wat ik fijn vind is me ’s ochtends nog een keer omdraaien. Als ik dat elke dag doe kom ik geen centimeter verder. Wat ik voor mezelf doe moet iets opleveren voor de lange termijn: andere inzichten, vaardigheden en ervaringen. Het is bovendien een manier om wilskracht te trainen: niet toegeven aan behoeften. Het lukt steeds beter om niet meteen naar de marshmallow te graaien, maar te wachten op de tweede.

Site Footer

Sliding Sidebar

Social Profiles

Contact

E-mail
melanie@melanielemmen.com